Werkelijke koopprijs niet relevant voor bijtelling auto

Ook al heeft de werkgever een auto gekocht tegen een lagere prijs dan de cataloguswaarde, hij zal toch het bedrag van de bijtelling wegens privégebruik moeten berekenen op basis van de catalogusprijs.

Een bv had aan haar enige werknemer een auto ter beschikking gesteld. Omdat de werknemer de auto ook kon gebruiken voor privédoeleinden, moest de bv een bijtelling op het loon toepassen. Daarbij wilde de bv de bijtelling toepassen over de aankoopprijs van de auto minus de kosten van afleverklaar maken. Daardoor zou de bv de bijtelling toepassen over € 47.635. Dit bedrag was lager dan de catalogusprijs van € 55.624. Rechtbank Gelderland (17 november 2016, ECLI:NL:RBGEL:2015:7076) oordeelde echter dat de bv gewoon de wet moest volgen en dus de catalogusprijs moest hanteren. Dat de dealer een of meer van deze auto’s tegen een lagere prijs te koop aanbood aan consumenten, was niet van belang. De bv ging nog in cassatie maar de Hoge Raad verklaarde haar beroep zonder nadere motivering ongegrond.

Wet: artikel 13bis, zevende lid, Wet LB 1964 en artikel 9, vierde en negende lid Wet BPM 1992

Meer informatie: Hoge Raad 4 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2500